Toyota en BMW bundelen hun krachten met energiegigant Repsol en technologieleverancier Bosch voor een opmerkelijk praktijkexperiment in Spanje. In plaats van weer een EV of waterstofprototype te testen, zetten de bedrijven gewone benzineauto's op een dieet van 100% hernieuwbare brandstof.

De proef van zes maanden begon in juli 2026 en omvat ongeveer twintig Toyota- en BMW-voertuigen die uitsluitend rijden op Repsols Nexa 95 hernieuwbare benzine. Bosch monitort en verifieert het brandstofgebruik via zijn Digital Fuel Twin-volgsysteem.

Het doel is om aan te tonen dat bestaande benzineauto's hun totale levenscycluskoolstofvoetafdruk kunnen verkleinen zonder grote mechanische aanpassingen of volledig nieuwe tankinfrastructuur. Voorstanders zien hernieuwbare benzine als een mogelijke aanvulling op elektrificatie, vooral voor de miljoenen verbrandingsmotoren die al op Europese wegen rijden.

Toyota en BMW hopen ook dat de proef het toekomstige Europese transportbeleid zal beïnvloeden. Terwijl toezichthouders debatteren over hoe verschillende koolstofarme technologieën in langetermijnemissiedoelen passen, willen de bedrijven dat hernieuwbare brandstoffen naast batterij-elektrische en waterstofoplossingen worden overwogen.

Een van de grootste verkoopargumenten van het project is de eenvoud. De voertuigen in de proef zijn standaard Toyota-, Lexus-, BMW- en Mini-modellen uit bestaande wagenparken, geen speciaal gebouwde prototypes.

Repsols Nexa 95 is ontworpen als een directe vervanger voor conventionele benzine. Dat betekent dat de auto's hun bestaande motoren en brandstofsystemen kunnen gebruiken en tanken via vertrouwde tankstationinfrastructuur.

De hernieuwbare benzine wordt geproduceerd uit grondstoffen die voldoen aan Europese duurzaamheidseisen, waaronder afval- en residugebaseerde materialen. Bronnen bij het project noemen voorbeelden zoals gebruikte frituurolie en dierlijke vetten, hoewel Repsol niet alle componenten van de brandstof openbaar heeft gemaakt.

Het project draait niet alleen om een paar auto's op alternatieve benzine te laten rijden en te kijken of ze het doen. Bosch' Digital Fuel Twin-systeem volgt en verifieert het brandstofgebruik in de hele toeleveringsketen, door voertuiggegevens, tankstationregistraties en betalingsinformatie te combineren.

Het idee is om een betrouwbaar digitaal verslag te maken waaruit blijkt dat deelnemende voertuigen echt op hernieuwbare brandstof rijden. Dat soort traceerbaarheid kan belangrijk worden als toezichthouders ooit speciale regels maken voor voertuigen die uitsluitend op goedgekeurde koolstofarme brandstoffen rijden.

Toyota en BMW noemen het concept 'Voertuigen die uitsluitend op in aanmerking komende brandstoffen rijden', of VEEF. De bedrijven beweren dat digitale certificering kan helpen om echt gebruik van hernieuwbare brandstoffen te onderscheiden van gewoon fossiel benzineverbruik.

Spanje is gekozen omdat Repsol daar al hernieuwbare benzine beschikbaar heeft via openbare tankstations. Het bedrijf zegt momenteel de enige leverancier te zijn die 100% hernieuwbare benzine aanbiedt bij openbare tankstations in het land.

Dat geeft de proef toegang tot een realistisch tanknetwerk in plaats van een gesloten testfaciliteit. Het stelt de bedrijven ook in staat te bestuderen of hernieuwbare benzine op schaal kan werken met infrastructuur die automobilisten al kennen.

Voor Toyota en BMW is die praktische compatibiliteit het centrale argument. Elektrificatie vereist dat kopers nieuwe voertuigen aanschaffen en hangt vaak af van toegang tot opladen, terwijl hernieuwbare benzine theoretisch onmiddellijk de levenscyclusemissies van bestaande verbrandingsvoertuigen kan verminderen.

De term 'hernieuwbare benzine' betekent niet dat de brandstof bij verbranding geen uitstoot produceert. Auto's die het gebruiken stoten nog steeds kooldioxide uit hun uitlaat, net als bij conventionele benzine.

Het milieuargument richt zich in plaats daarvan op waar de koolstof vandaan komt. Hernieuwbare brandstoffen worden geproduceerd uit recent bestaande biologische of hernieuwbare bronnen, in plaats van extra fossiele koolstof te winnen die miljoenen jaren onder de grond is opgeslagen.

Voorstanders beweren daarom dat hernieuwbare benzine de netto CO2-uitstoot kan verminderen, omdat de koolstof die vrijkomt bij verbranding deel uitmaakt van de huidige koolstofcyclus in plaats van nieuwe fossiele koolstof aan de atmosfeer toe te voegen.