Tijd om de staf te breken, het boek te begraven en die ruwe magie de deur te wijzen. Lionel Messi’s derde WK-finale eindigde niet met een triomfantelijke brul, maar met een stille wandeling van het veld in New Jersey, terwijl Spanje’s methodische systeem Argentinië’s op geloof gebaseerde aanval verstikte. De deus ex machina verscheen niet, en de 39-jarige genie bracht 120 minuten door als een verre oom op een bruiloft, vooral uit de weg gaand terwijl Spanje 715 keer de bal rondspelde.

Spanje won met 1-0 door een doelpunt van Ferran Torres, hun twintigste schot tegenover Argentinië’s nul. De overwinning maakte Spanje overduidelijk het beste team op dit WK, nadat ze beide finalisten uit Qatar hadden verslagen en de hamer van Engeland hadden geneutraliseerd. Argentinië bood weinig meer dan een verweerd gevoel van verzet en de hoop dat Messi iets magisch zou doen. Dat deed hij niet.

Messi’s laatste momenten omvatten het nemen van Argentinië’s laatste corners, het uitwringen van het laatste stofje van curve en zwenking, en dan bukkend om naar het gras te staren toen Torres scoorde. Hij bleef doorlopen toen het eindsignaal klonk, zonder vaart te minderen terwijl Spanje vierde. Het voelde als het einde van een tijdperk, wat het vrijwel zeker is. Messi zal doorgaan bij Inter Miami, maar dit podium – het WK – heeft hem waarschijnlijk voor het laatst gezien. Spanje’s systeem won de dag, en bewees dat zelfs irrationele magie een vervaldatum heeft, vooral als je 39 bent en speelt tegen een team dat past als een Star Trek-samenleving.