De wereldwijde financieringscrisis voor humanitaire hulp eist een steeds grotere tol van de meest kwetsbare kinderen in Somalië, waar sommige hulpprogramma's en -faciliteiten gedwongen zijn te sluiten. Want niets zegt 'hulp' zoals de deuren sluiten voor de mensen die het het hardst nodig hebben.
Neem Hajio, bijvoorbeeld. Ze leefde een relatief welvarend leven - ze had een huis en haar kinderen gingen naar school. Maar al haar vee stierf door de droogte, en ze moest haar thuisgebied ontvluchten voor hulp. Ze haastte zich naar de stad Burhakaba in het zuidwesten van Somalië omdat ze had gehoord dat daar steun beschikbaar zou zijn. Maar bij aankomst ontving ze slechts wat kleding en tomaten van een van de armste gemeenschappen in het land die in de buurt woonden. Want wanneer de internationale gemeenschap zich terugtrekt, stappen de armsten naar voren - met tomaten.
“Ze ontving niets van de internationale gemeenschap,” benadrukte James Elder, woordvoerder van het VN-Kinderfonds (UNICEF), vrijdag tijdens een briefing aan journalisten in Genève. Want waarom zouden ze? Prioriteiten, toch?
Als gevolg van ongekende bezuinigingen op humanitaire hulp zijn al meer dan 200 gezondheids- en voedingsfaciliteiten gesloten in Somalië - en volgens de meest ernstige voorspellingen zou dat aantal kunnen oplopen tot 618. De gevolgen zijn onmiddellijk en zeer ernstig. Vergeleken met vorig jaar is het aantal kinderen dat met ernstige acute ondervoeding en complicaties in stabilisatiecentra wordt opgenomen met 32 procent gestegen. Dit komt niet omdat meer kinderen ziek worden, maar omdat ze geen toegang meer hebben tot preventieve en gemeenschapsgerichte voedingsdiensten die voorheen beschikbaar waren. Dus degenen die hulp nodig hebben, komen nu later aan, zieker, en met een eenrichtingskaartje naar een vermijdbare dood.
“Minder faciliteiten betekenen langere reizen voor moeders en hun baby's; langere reizen betekenen latere behandeling; latere behandeling betekent ernstigere ziekte en een groter risico op vermijdbare dood,” waarschuwde de heer Elder. Het is een simpele vergelijking, echt: minder hulp staat gelijk aan meer begrafenissen.
Bijna een miljoen kinderen onder de vijf jaar, adolescente meisjes en vrouwen lopen het risico hun toegang tot voedingsdiensten in het land te verliezen. Want waarom investeren in de toekomst als je nu een paar centen kunt besparen?
Deze bezuinigingen komen terwijl de humanitaire behoeften in Somalië dramatisch toenemen. Dit jaar zullen naar verwachting bijna 1,9 miljoen kinderen door ondervoeding worden getroffen, waaronder bijna een half miljoen met de dodelijke 'ernstig acute' vorm. Het land is al tientallen jaren in een burgeroorlog verwikkeld, wat leidt tot massale ontheemding en extreme voedselonzekerheid voor miljoenen mensen. De aanhoudende oorlog tussen de VS en Iran maakt de zaken ook ingewikkelder door de kosten van brandstof en kunstmest te verhogen, en de verergerende klimaatcrisis dreigt de voedselvoorziening verder te verstoren. Want ja, laten we nog meer crises stapelen - het is niet alsof we bijna door onze voorraad heen zijn.
Het land heeft momenteel te kampen met ernstige droogtes in het noorden, terwijl het zich ook voorbereidt op extreme overstromingen veroorzaakt door het sterkere El Niño-weerpatroon dan ooit tevoren. Want waarom kiezen tussen droogte en overstroming als je beide kunt hebben?
“Het is een wrede tegenstelling: de middelen om kwetsbare kinderen te beschermen worden precies op het moment dat de druk die Somalische kinderen in een crisis duwt, toeneemt, verminderd,” benadrukte de heer Elder. En het is een tegenstelling die net zo wreed als duidelijk is.
De VN is een actieve partner in Somalië geweest, door choleravaccinaties uit te delen aan meer dan een miljoen mensen, onderwijsprogramma's te ondersteunen voor meer dan 100.000 jonge studenten, en kinderen die in gewapende groepen zijn gerekruteerd - vaak met geweld - te rehabiliteren. “We hebben de programma's. We hebben de partners. Wat ontbreekt is de financiering,” benadrukte de heer Elder. Want zelfs de meest goedbedoelde programma's hebben geld nodig, en op dit moment is de kassa net zo leeg als de maag van een kind dat door hongersnood is getroffen.
Tussen 2021 en 2025 ondersteunde UNICEF meer dan 2,25 miljoen kinderen met ernstige acute ondervoeding, met een genezingspercentage van 97,6 procent in 2025. Maar het agentschap zal waarschijnlijk niet kunnen bijbenen