Mensen geloven al lang dat het vermogen om een kleine kring van goede vrienden te onderhouden terwijl ze het bestaan van alle anderen vaag erkennen, een uniek menselijke eigenschap was. Een nieuwe studie suggereert dat we die onderscheiding mogelijk moeten delen met onze naaste levende verwanten, die blijkbaar hetzelfde doen met verzorgen in plaats van brunchen.
Onderzoekers van de Universiteit Utrecht en de Universidad Carlos III de Madrid observeerden sociaal verzorgen bij 24 groepen chimpansees en bonobos en ontdekten dat deze mensapen hun relaties in lagen organiseren, net zoals mensen doen. Met behulp van een wiskundig model analyseerde het team hoe elke aap zijn beperkte sociale inspanning - in dit geval verzorgingstijd - verdeelde over groepsleden. De resultaten toonden aan dat de meeste apen het grootste deel van hun verzorging besteedden aan een klein aantal voorkeurspartners, terwijl ze lichtere relaties onderhielden met vele anderen. Apen in grotere groepen waren kieskeuriger over wie hun verzorgingsaandacht kreeg, een trend die ook in menselijke sociale netwerken wordt gezien.
Maar de twee soorten beheerden hun sociale leven niet identiek. Bonobos verdeelden verzorging gelijkmatiger over hun groep, waardoor een meer egalitair sociaal netwerk ontstond, terwijl chimpansees hun inspanningen concentreerden op een kleinere kring van favorieten. De onderzoekers ontdekten ook dat naarmate chimpansees ouder worden, ze hun sociale kringen verkleinen - net zoals mensen die besluiten dat ze genoeg smalltalk hebben gehad. Bonobos vertoonden deze leeftijdsgebonden vernauwing echter niet, waarschijnlijk vanwege hun meer vloeiende sociale banden die groepsgrenzen kunnen overschrijden, iets wat zelden bij chimpansees wordt gezien.
Hoofdauteur Edwin van Leeuwen merkte op dat de bevindingen een diepe evolutionaire continuïteit suggereren in hoe complexe samenlevingen zijn georganiseerd, terwijl de verschillen tussen de twee soorten aangeven dat er meer dan één evolutionaire strategie is voor het beheren van sociale connecties. Inzicht in deze patronen, voegde hij eraan toe, zou het begrip van wetenschappers over samenwerking, sociaal leren en emotioneel welzijn bij zowel mensen als andere dieren kunnen verbeteren - in wezen bevestigend dat iedereen, of het nu een aap of een mens is, die ene vriend heeft die ze liever verzorgen dan de rest.