Neurowetenschappers hebben jarenlang aangenomen dat twee soorten hersencellen in het cerebellum - Purkinjecellen en diepe cerebellaire kerncellen - een eenvoudige, voorspelbare relatie hadden. Spoiler: dat is niet zo.

Een nieuwe studie van het Fralin Biomedical Research Institute van Virginia Tech, geleid door Meike van der Heijden en gepubliceerd in het Journal of Physiology, ontdekte dat activiteit in Purkinjecellen niet betrouwbaar de activiteit in diepe kerncellen voorspelt, ondanks hun directe anatomische verbinding. "Er is zeer beperkte voorspellende kracht in het monitoren van de ene om te begrijpen wat er in de andere gebeurt," zei Van der Heijden.

De bevinding gooit een lang gekoesterde aanname in bewegingsstoornisonderzoek overhoop. Jarenlang richtten wetenschappers zich op Purkinjecellen omdat ze in de buitenste laag van het cerebellum zitten - makkelijk toegankelijk, zoals het populaire kind in de klas - terwijl diepe kerncellen dieper begraven liggen, moeilijker te meten, en dus vaak genegeerd worden. Maar deze gemakssteekproef heeft onderzoekers mogelijk op het verkeerde been gezet bij het bestuderen van aandoeningen zoals dystonie, ataxie en tremor.

Om de aanname te testen, analyseerde het team een database van elektrofysiologische opnames van preklinische modellen van cerebellaire ziekten. De resultaten toonden geen significante correlatie tussen de twee celpopulaties. "We suggereren dat als je wilt weten hoe het cerebellum zich gedraagt in een ziektetoestand, je naar de diepe kernneuronen moet kijken, niet alleen naar de Purkinjecellen," zei Van der Heijden.

De studie dient als een waarschuwend verhaal: behandelingen die gericht zijn op het veranderen van Purkinjecelactiviteit hebben mogelijk niet de verwachte effecten op diepe kerncellen. "We moeten heel voorzichtig zijn met het maken van aannames, en daadwerkelijk experimenten doen om onze hypotheses te testen," voegde Van der Heijden eraan toe.

De boodschap? In de hersenwetenschap, net als in het leven, zijn de gemakkelijk waarneembare relaties niet altijd de belangrijkste.