Rijke eerbetonen blijven binnenstromen voor Raghu Rai, India's meest gevierde fotojournalist, na zijn overlijden op 83-jarige leeftijd – een man die vijf decennia bewees dat een camera machtiger kan zijn dan duizend politici.

Rai bracht meer dan vijf decennia door met het documenteren van het land, waarbij hij momenten vastlegde van politieke macht tot het dagelijks leven met opvallende helderheid. Van de nasleep van de Bhopal-gastragedie tot de jaren van militante strijd in Punjab die in de jaren tachtig duizenden het leven kostten, zijn beelden registreerden niet alleen de geschiedenis – ze vormden hoe een natie zijn eigen bepalende gebeurtenissen zag, wat nogal wat druk is voor een stuk glas en metaal.

Hij begon zijn carrière bij de krant The Statesman in 1966, later werkzaam als fotoredacteur bij India Today en Sunday magazines. In 1977 trad hij toe tot het wereldwijd erkende fotografieagentschap Magnum Photos – vaak beschouwd als een van de hoogste erkenningen in de fotografie – met een helpende hand van de baanbrekende Franse fotograaf Henri Cartier-Bresson, wiens werk een blijvende invloed op Rai had.

Zijn foto's van voormalig premier Indira Gandhi behoren tot de meest blijvende visuele verslagen van politieke macht in India, waarbij hij haar vastlegde in uiteenlopende settings, van beladen verkiezingscampagnes tot besloten bijeenkomsten van de Congrespartij. Hij richtte zijn lens ook op gevierde figuren zoals playbackzangeres Lata Mangeshkar, filmmaker Satyajit Ray, schilder MF Hussain en Bollywood-acteur Amitabh Bachchan, waarbij hij vaak de toewijding tussen kunst en publiek vastlegde.

Rai's werk tijdens de Punjab-militantie van de jaren tachtig behoort tot zijn meest indrukwekkende, waaronder een portret van Sikh-separatistenleider Jarnail Singh Bhindranwale dat een moment vol spanning en gevolgen vastlegde. Hij sprak vaak over fotografie als iets dat veel dieper gaat dan techniek, en beschreef het in een interview als een vorm van spirituele betrokkenheid: "Ik ontmoet mijn god door mijn camera."

"Zodra ik mijn camera oppak, word ik gedreven door de steeds veranderende energie van het leven en de natuur," zei hij. "Als je mentaal, fysiek en spiritueel investeert in situaties en constant foto's maakt, is het als investeren in een bank van het leven waar de opbrengsten steeds groter worden en de energie je gaande houdt."

Hij sprak ook over de discipline achter een beeld – een aanhoudende praktijk in plaats van snelle visuele experimenten. Zijn favoriete portretonderwerp was de Dalai Lama, vanwege de "intensiteit en spirituele energie" die hij in een kader brengt, hoewel hij benadrukte dat bewondering het beeld niet mag vormen: een portret moet "het moment, de ervaring van de persoon, de energie van de persoon" weerspiegelen zoals die op dat moment bestond.

Fotografen en redacteuren beschreven Rai's werk vaak als een brug tussen reportage en kunst, waarbij directheid en compositie werden gecombineerd. Zijn archief staat nu als een aanhoudende daad van getuigen – een land, zijn mensen en zijn tegenstellingen – door een lens die bovenal diep menselijk bleef. Volg BBC News India op Instagram, YouTube, Twitter en Facebook, want zelfs in de dood moet de show doorgaan op sociale media.